Nieuws & Tips: aankondigingen, tips en interessante links

PLEIDOOI VOOR EEN KLEURRIJK KABINET

donderdag 2 maart '17

Wie steunt straks de totstandkoming van een kleurrijk kabinet, dat een bijdrage kan leveren aan het oplossen van de multiculturele problematiek en de verdeeldheid in Nederland? Deze vraag spijkert Frénk van der Linden vandaag op de deur van politieke partijen die meedoen aan de Tweede Kamerverkiezingen.

Lilian Thuram was een fenomenale rechtsback. In 1998 won hij, een zwarte jongen uit het overzeese gebiedsdeel Guadeloupe, met het nationale elftal van Frankrijk het wereldkampioenschap voetbal. ‘Black, blanc et beur’, was het etiket dat op het team met Arabische, Afrikaanse en Franse roots werd geplakt.

Profvoetballers worden weleens versleten voor dom, narcistisch en verre van geëngageerd. Maar op het veld komen zij vaak tot een betere vorm van samenwerking — welke gezindte, etniciteit, kleur, overtuiging, geloof of nationaliteit ze ook mogen hebben — dan we in elders in de samenleving zien.

Na zijn sportcarrière werd Lilian Thuram een belangrijke stem in de discussie over discriminatie en uitsluiting. Regelmatig stelde hij een ongemakkelijke vraag: ‘Waarom kan een elftal winnen met mensen van verschillende kleuren, godsdiensten, culturen, en waarom vind je diezelfde dingen niet terug in een regering?’

Als het gaat om soepel samenspel biedt Nederland anno 2017 een weinig vreugdevolle aanblik. Niet alleen in de Franse banlieus lopen de spanningen op. Ons land polariseert en versplintert, meent de ene commentator. Onze maatschappij is tot op het bot verdeeld en kent geen enkele saamhorigheid meer, roept de andere. Volgens de meest pessimistische opinion leaders lijdt Nederland zo erg onder de toenemende tegenstellingen tussen bevolkingsgroepen dat we vroeg of laat ten onder zullen gaan aan desintegratie. Wie biedt méér?

Hollandse nuchterheid is intussen ver te zoeken. Schuimbekkend hebben we het afgelopen jaar gediscussieerd over islamitisch fundamentalisme, racistische tweetcampagnes, ons slavernijverleden, de bloedige aanslagen in Parijs, Zaventem, Nice en Berlijn, populisme, arbeidsmarktdiscriminatie, Zwarte Piet, superieure en inferieure culturen, het haatoffensief tegen Sylvana Simons, de vluchtelingencrisis, ‘minder, minder’, stereotyperende tv-reclames, patriottisme, stagnerende integratie van niet-westerse allochtonen en de aanhouding van rapper Typhoon in zijn SUV.

Op 15 maart gaan we naar de stembus. Logischerwijs draait het in de debatten tussen de lijsttrekkers om nationale identiteit, immigratie en integratie. Dit urgente probleem is van ons allemaal. Oude en Nieuwe Nederlanders, wit en zwart, links en rechts, gelovig en niet-gelovig: iedereen betaalt op de één of andere manier een prijs voor het oplaaiende wij/zij-denken, iedereen voelt de pijn van een samenleving die meer en meer in zichzelf verdeeld raakt.
Hoe creëren we meer gemeenschapsgevoel? Hoe komen tot een maatschappelijk model waarin verschillende visies en leefstijlen vreedzamer naast en door elkaar kunnen bestaan?

‘De zwarte en gekleurde Nederlander ziet zichzelf zelden terug in in parlement, rechtspraak of in een raad van commissarissen’, schreef columnist Stephan Sanders onlangs in de Volkskrant. ‘Er is geen zwarte premier of minister, er is één grootstedelijke burgemeester die moslim is, en dat vinden veel Nederlanders al kantje boord.’
Op de kandidatenlijsten van partijen die meedoen aan de komende verkiezingen staan amper Nieuwe Nederlanders op verkiesbare plekken. Nederland mag dan kleurrijker worden, de politici die het in Den Haag voor het zeggen hebben, kleuren slechts mondjesmaat mee.

En kijk naar het zittende kabinet. Net als eerdere coalities telt dat geen overdreven groot aantal Turkse, Marokkaanse, Surinaamse, Antilliaanse, Chinese, Somalische of andere tot een etnische/culturele minderheid behorende staatssecretarissen en ministers. Integendeel. Het elftal van PEC Zwolle is nog rijkgeschakeerder.

Maar zo langzaam als het kleurrijker maken van het Binnenhof via de kandidatenlijsten van de politieke partijen voor de Tweede Kamerverkiezingen verloopt, zo snel kan het gaan via het formeren van een nieuw kabinet. Tenslotte kunnen de coalitiepartijen bij de samenstelling daarvan naar eigen believen ‘diverse’ bewindslieden in eigen kring én daarbuiten zoeken, aandragen en laten benoemen.
Is dit niet een unieke kans om op het hoogste niveau werk te maken van meer diversiteit, meerstemmigheid? Om een team samen te stellen dat van ons allemaal is?

Voor goed begrip: dit is geen pleidooi voor huidskleur als doorslaggevend criterium bij het selecteren van bewindslieden die straks gaan regeren. Positieve discriminatie is óók discriminatie. Primair moet het blijven gaan om kwaliteit, om vakmatige expertise en bestuurlijke aanleg. Veel talenten wachten op ontdekking en ontplooiïng. Ze zijn niet alleen te vinden in het old boys network en andere gangbare kanalen, maar ook in kringen waarin tot nu toe weinig intensief wordt gezocht. In het bedrijfsleven. In de wetenschap. In provincies en gemeenten. Ahmed Aboutaleb is echt niet de enige Nieuwe Nederlander met grote capaciteiten.

Welke partijen willen zich op deze manier actief inzetten voor de totstandkoming van een kabinet dat kleurrijker is dan we gewend zijn? En als partijen diversiteit tot één van de prioriteiten maken, wat betekent dat dan in concreto? Hoe gaan zij op dit punt aan de slag? Wat durven zij toe te zeggen?

‘Bruggen slaan’ was het motto waarmee regeringspartijen VVD en PvdA vier jaar geleden begonnen. Het is er niet van gekomen. Sterker, bestaande bruggen lijken eerder te zijn afgebrokkeld. Maar dat was toen, en dit is nu. Er komt een nieuw seizoen aan. We hebben de kans een ploeg samen te stellen waarvan een verbindende, een winnende kracht uitgaat.

‘Dit is een goed stel, hoor’, zei voetbalcommentator Theo Reitsma toen het Nederlands elftal in 1988 op het Europees Kampioenschap de titel pakte. Ik hoop dat we die woorden straks kunnen herhalen als het nieuwe kabinet aantreedt.

Haarlem, februari 2017

Download: Pleidooi voor een kleurrijk kabinet